Moet het altijd maar ‘beter’. En wat betekent dat eigenlijk?

Een opinieartikel in de Volkskrant van afgelopen maandag over ‘mijn’ generatie: ‘Dit is de eerste generatie die het slechter krijgt dan haar ouders. Er is een nare generatiekloof’. Er zou niet uitkomen wat onze ouders ons altijd hebben beloofd: als je maar hard je best doet, een hoge opleiding volgt en investeert in jezelf, dan verdien je die studielening in een mum van tijd terug en staat je een rijk en succesvol leven te wachten.

Helaas, er waren nog nooit zoveel hoogopgeleide leeftijdsgenoten, waardoor je je niet meer automatisch onderscheid met je diploma. En zo bijzonder als onze ouders ons altijd vonden, blijken we toch niet te zijn voor onze docenten of werkgevers.

Toch zijn deze goed gelukte jonge mensen een klemgezette generatie.

Aleid Truijens

Natuurlijk zijn er schrijnende verhalen over eind-twintigers die nog thuis wonen omdat ze geen huis kunnen betalen of zijn blijven hangen in een onderbetaalde semi-stageplek waar ze worden uitgebuit. Maar over het algemeen zie ik vrienden en oud studiegenoten om mij heen zeer veerkrachtig en flexibel omgaan met de veranderde omstandigheden.

Wij zijn prima gelukkig met een kleine woonruimte, een leven zonder auto, groot koophuis of vast contract. Iets waar mijn ouders vroeger naartoe werkten en zekerheid uit haalden. Ook hebben we ons er allang op ingesteld dat we van de staat niet automatisch een AOW of pensioen hoeven te verwachten over +/- 40 jaar. De kans is groot dat veel van het geld wat wij hebben ingelegd dan een stuk minder waard is of is opgegaan aan de pensioenen van de groeiende en steeds ouder wordende groep gepensioneerden.

We proberen nú te genieten door lange reizen te maken, te werken aan onze persoonlijke ontwikkeling en soms bewust te kiezen voor een baan ‘onder ons niveau’ (wat is dat nou überhaupt?!) waardoor we minder van onszelf vragen en meer vrije tijd overhouden.

Ook valt het op dat er een groeiende groep millenials deel gaat uitmaken van de FIRE beweging en zo bewust het heft in eigen handen neemt. Ze sparen voor een financieel vrije toekomst en een noodbuffer voor onverwachte tegenslag. We zijn het niet gewend om door de staat te worden gepamperd met toeslagen, subsidies of een vangnet, iets waar de columniste wel gebruik van kon maken als starter.

Ik vraag me af wie er nu het grootste probleem maakt van deze veronderstelde ‘generatiekloof’. Zijn dat onze ouders, of zijn wij dat zelf? Moet het altijd maar meer, beter en hoger? Of is een stap terug eigenlijk een stap vooruit? Dat laat de klimaatverandering en de enorme belasting van de mens op natuurlijke hulpbronnen ons wel zien.

De generatie van onze ouders lijkt krampachtig vast te houden aan hun eigen definitie van geluk, terwijl hun kinderen al vele stappen verder zijn.

We kunnen niet allemaal verlangen naar een vrijstaand huis met eigen tuin, daar is simpelweg te weinig ruimte voor. En alle hoogopgeleiden kunnen geen managers of mensen aan de top worden, daar zijn teveel hoog opgeleiden voor. Willen we dat überhaupt wel, ons tot ons 72ste helemaal het apezuur werken om maar die carrièreladder te beklimmen en daarna oud en versleten genieten van ons ‘welverdiende’ pensioen? Willen we 40 jaar bij dezelfde werkgever werken, in een grote nieuwe auto rijden, ons ruime koophuis vullen met mooie design meubels? Ik denk niet dat mijn generatie hier naar streeft. Het is dus ook geen achteruitgang dat wij dit niet zullen bereiken maar een andere invulling van het leven.

Ik geloof niet dat mijn generatie ongelukkiger gaat zijn dan de generatie van mijn ouders. Ik denk dat wij flexibel en veerkrachtig genoeg zijn om ons aan te passen aan de veranderende wereld en hierin zingeving en geluk te vinden. De generatie van onze ouders lijkt krampachtig vast te houden aan hun eigen definitie van geluk, terwijl hun kinderen al vele stappen verder zijn.

Hoe zien jullie dit?

8 gedachten over “Moet het altijd maar ‘beter’. En wat betekent dat eigenlijk?

  1. Ik weet nooit bij welke generatie ik precies hoor. Dus dat maakt het zien van een kloof ook best lastig 😉 Maar je schrijft een hoop verstandige dingen. Succes zit niet in meer meer meer of een race naar de top/vastigheid. 👍

  2. Wat een keigoed stuk! Goed gedaan, Noor! Ik herken wat je schrijft, de generatie hiervoor heeft hele andere waarden. En zo zal de volgende generatie weer andere waarden hebben waar wij dan weer even van moeten slikken 😉

  3. De kans is groot dat veel van het geld wat wij hebben ingelegd dan een stuk minder waard is of is opgegaan aan de pensioenen van de groeiende en steeds ouder wordende groep gepensioneerden. Dat schrijf jij en lees ik bij meer mensen van jouw “generatie”.

    Jij en anderen van jouw “generatie” schijnen voor het gemak maar te vergeten, dat deze steeds oudere groep gepensioneerden ook betaald hebben voor de gepensioneerden voor hun. Dat zij ook betaald hebben voor de VUT, voor vroegpensioen, etc. Wat net als ze bijna de leeftijd er voor hadden, afgeschaft werd.

    Ik hoor bij die oudere generatie.
    Wij wonen in een ruim koophuis met een giga tuin, gevuld met hoofdzakelijk tweedehands meubelen. Verder hebben wij een oud autootje, geen gadgets, gebruiken alles tot het ook echt op en versleten is. Gaan niet op dure vakanties, maar blijven wat dichter bij huis en zijn tevreden met wat we hebben.

    Ik denk dat er best mensen in onze generatie zijn, die in ruime koophuizen wonen, gevuld met design meubelen en in dure grote auto’s rijden. Zoals die er ook zijn in jouw generatie.

    Van onze generatie zijn er veel minder die bloggen, dus de FIRE en HOT mensen uit onze generatie vallen veel minder op.

    Wij komen nog uit de tijd dat je geluk had als je een tv had. En er waren 2 zenders. Auto? Nee, wij deden alles op de fiets. Of op de brommer als je geluk had. Telefoon? Ja, aan de muur in de hal. Als je geluk had. Opleiding? Niet te lang en niet te hoog, want als je 16 was moest je aan de bak.
    Computers? Ja, op je werk, als je geluk had.

    1. Het is helaas een feit dat pensioenen zijn berekend op verkeerde cijfers. Mensen worden steeds ouder en onttrekken daardoor meer geld aan de pensioenpot dan van tevoren is berekend. Daarnaast zijn er veel mensen (babyboomers) veel eerder gestopt met werken (VUT, pre-pensioen) waardoor een grotere pensioenlast verdeeld moet worden over een kleinere groep werkenden (want het geboortecijfer is sterk teruggelopen). Begrijp me niet verkeerd: ik vind dat niet erg, zo is het nu eenmaal. Maar ik reken er niet op dat ik van dezelfde pensioenen, VUT regelingen of pre-pensioenen kan genieten als mijn ouders (of eigenlijk de generatie daarvoor). Mijn ouders gaan daar echter nog wel van uit en vinden het een schande voor mijn generatie dat dit niet kan (zoals de columniste die ik aanhaal).
      Daarnaast vind ik het mooi om te lezen hoe jij woont en leeft en daar (als ik het goed lees) geluk uit haalt. Ook daar heb ik geen kritiek op en kan ik enkel bewonderen.

      1. Noor, bedankt voor je mooie antwoord. Mijn man is 63 en ik ben 61. Wij rekenen inmiddels ook niet meer op een ruim pensioen, maar hebben helaas niet meer de tijd om nog te sparen of te beleggen voor een andere oplossing. We gaan het niet slecht krijgen hoor. Maar als we het 20 of 30 jaar eerder aan hadden zien komen, hadden we andere beslissingen genomen. Nu heeft iedereen het over HOT en FIRE, maar dat was toen nog helemaal niet aan de orde.

        Nu is het zoals het is. En gelukkig kunnen we veel doen met weinig. En hebben ook weinig nodig om toch gelukkig te zijn. Mijn man is heel handig. Die maakt uit iets wat oud en kapot is weer iets moois en bruikbaars.

Geef een reactie