Emigreren | De thuisblijvers

Op 15 oktober vliegen wij naar Christchurch. Voor de mensen om ons heen is het nu duidelijk: we gaan echt. Dat maakt veel los en niet altijd leuke reacties… naar mijn idee vallen de verschillende reacties uiteen in 5 categorieën:

‘Dit moet je doen’

De mensen die het helemaal begrijpen. Vaak mensen die zelf voor langere tijd in het buitenland hebben gewoond of gereisd. Mensen die gewend zijn om het anders te doen. Zij snappen het belang van een ervaring of uitdaging en weten dat de dingen altijd wel op hun pootjes terecht komen. Ze snappen hoe een grote verandering je leven kan verrijken en dat het niet altijd gaat om de uitkomst maar om de weg er naartoe. Deze mensen worden erg enthousiast van ons plan, willen er alles van weten en zijn voelbaar blij voor ons. Dit is uiteraard de gemakkelijkste groep om mee te praten.

‘Ik heb er ook vaak over nagedacht’

De mensen die veel overeenkomsten met de bovenstaande groep vertonen en het liefst zelf ook hadden willen gaan, maar voor hun gevoel niet (meer) kunnen. Deze mensen zijn ook erg enthousiast, maar je voelt ook wel een beetje de pijn. Ze vragen minder door dan bovenstaande groep en verdedigen hun eigen keuze regelmatig: ‘ wij hadden het ook graag gedaan, maar…’.

Stiekem hoop ik soms dat wij een inspiratie zijn voor deze mensen om toch nog eens te kijken naar de mogelijkheden. Want zo bijzonder zijn wij niet…. en als wij het doen, waarom dan zij niet ook?

‘Ik zou het zelf nooit kunnen’

Mensen die de stap ergens wel snappen op rationeel vlak, maar gevoelsmatig op een heel ander niveau zitten. Zij hebben het altijd helemaal prima gehad in hun woonplek en nooit aspiraties gehad om hun vertrouwde woonplaats/ -provincie of -land te verlaten. Vakanties zijn fijn, maar thuiskomen is vaak nog veel fijner. Wat ik zo mooi vind aan deze groep, is dat ze oprecht geïnteresseerd zijn en onze keuze ook bewonderen en tegelijkertijd helemaal zichzelf zijn: ‘Wij zouden dat nooit iets vinden’. Dat is natuurlijk ook helemaal prima en bij hun standpunt kan ik me ook weer heel veel voorstellen. Zo stond ik er immers 6 jaar geleden (voor mijn Kiwikoorts) ook in.

‘Ik hoop dat je vindt wat je zoekt’

Dit vind ik de leukste reactie en heb ik al een paar keer gehoord. Deze mensen snappen helemaal niets van onze keuze, vragen soms wel wat door maar reageren steevast met: ‘Oh, waarom zou je dat toch allemaal doen, wat een gedoe!’

Dit zijn ook de ‘beren op de weg’ -mensen. De doemdenkers die vooral opmerken wat er allemaal mis kan gaan. ‘Wat nu als je geen baan vindt, wat nu als je geld opraakt, wat nu als een van je ouders erg ziek wordt of wat nu als….’ Mijn antwoord hierop is steevast: dat zien we dan wel weer. Het kan overigens ook in Nederland gebeuren en dan red je je ook wel weer toch?

Om nog even terug te komen op ‘vinden wat je zoekt’: ik zoek niets, ik ben niets kwijt namelijk. Ik ben vooral nieuwsgierig en toe aan verandering.

‘Je laat me in de steek’

De moeilijkste groep en gelukkig ook de kleinste. Ons vertrek zet de band met deze mensen op scherp want ze betrekken het op zichzelf. We kiezen voor onszelf en denken niet aan de consequenties voor hen. Zij worden in de steek gelaten en verlaten. Ook deze mensen denken alleen maar in rampscenario’s. De gesprekken gaan voornamelijk over het effect van onze keuze op hen. Ze tonen weinig interesse of vermijden het onderwerp. Maar vreemd genoeg zijn dit ook de mensen met wie we in het dagelijks leven geen heel hecht contact hebben. Mensen die over het algemeen ook wel hun eigen gangetje gaan, net als wij. De manier waarop ze reageren kan dan ook wel als een verrassing komen. Mijn tactiek voor nu: hen erkennen in hun verdriet, ze laten merken dat het voor ons ook lastig is en erop vertrouwen dat ze er naar verloop van tijd gewend aan raken.

Wanneer ik er zo over nadenk, is deze onderverdeling in reacties ook wel te generaliseren naar andere grote keuzes in het leven, behalve misschien de laatste groep. Bij welke keuzes herken jij deze onderverdeling en hoe ga jij ermee om?

2 gedachten over “Emigreren | De thuisblijvers

  1. Bij mij was er een wetmatigheid: hoe dichtbij de mensen bij me stonden, hoe minder leuk ze het vonden. Niet dat ze het me niet gunden, maar ze hadden het zelf liever anders gezien. Hoe verder weg, hoe vaker mensen zeiden: leuk, moet je doen. Die dachten meer: fijn, een vakantieadresje erbij…

Geef een reactie